Dit is de site van Team Hoogvliegers. Team Hoogvliegers wordt gevormd door Marten Bosma en Nick Miesen. Zij zullen 24 juli aanstaande van start gaan in de Red Sea Challenge 2010. Hierin worden zij uitgedaagd in een “barrel” (oude auto) van Zandvoort naar de Rode Zee in Jordanië te rijden. De uitdaging is om het “barrel” rijdende te houden en als het team dit haalt zullen zij in samenwerking met het Nationaal Luchtvaart- en Ruimtevaartlaboratorium (NLR), kinderziekenhuis Erasmus MC-Sophia en Stichting Hoogvliegers een speciale dag organiseren voor 10 chronisch zieke kinderen.

Deze dag zal in het teken staan van de luchtvaart en is speciaal bedoeld voor kinderen die gefascineerd zijn door vliegtuigen. Ze zullen een zeer spannende zero-gravity vlucht (paraboolvlucht) gaan maken, nadat ze ook al in een professionele Boeing 747- en helikoptersimulator hebben mogen vliegen!

Op deze site kunnen jullie meer informatie vinden over het team. Op de pagina "On the road" staat nu nog alleen de route, maar tijdens de challenge kun je hen hier live volgen (d.m.v. een GPS-tracker en een fotoreportage).

Uiteraard zijn zij nog steeds hard op zoek naar sponsoren om deze speciale dag voor de kinderen rond te krijgen! Heb je een gmail-account en wil je je abonneren op deze blog, dan kan dat via de volgende link: ABONNEREN

Anders kun je ons volgen via de feed: FEED

zaterdag 31 juli 2010

Het Nabije- en Midden-Oosten in vogelvlucht

Ruim een week onderweg en alweer negen landsgrenzen gepasseerd. Voor de eerste paar dagen gold de vuistregel: hoe dieper het Nabije-Oosten in, hoe armer de landen. Dat was niet alleen te merken aan de kwaliteit van de wegen en de staat van de bebouwing, maar ook aan de vriendelijkheid van de mensen. Het verschil met het rijke Westen lijkt voor deze landen te dichtbij. Niet alleen spreken de mensen gebrekkig Engels, ze zijn ook nog eens oprecht bot. Zo was er de receptioniste in ons Bulgaarse hotelletje, die uit alle hartelijkheid ons noch aankeek, noch aansprak, en alleen functioneerde door onze sleutelkaart van onder de toonbank op de balie te gooien. Gelijksoortig gedrag bespeurden we tijdens ons eten. Dit land lijkt in een identiteitscrisis te zitten. Waarschijnlijk willen ze wel Europeanen zijn, maar ze zijn er nog niet klaar voor. Turkije, daarentegen, is een compleet ander verhaal. Zodra je de grens passeert, merk je meteen dat je in een ander werelddeel bent aanbeland. In een land vol rijkdom en trots. De mensen zijn ontspannen en alleraardigst tegen buitenlanders. Ze zijn trots op hun land en tonen graag hun kwaliteiten. Ze hoeven niet op te boksen tegen de welvarende Westerse landen of hun armere oosterburen.

Zodra je de grens met Syrië bereikt, weet je dat het niet Turkije was, dat zo’n groot onderscheid vormt met Europa. En dat Turkije niet het begin van een nieuwe wereld is. Nee, dat was in ons geval Syrië. Bij de grens moet je voor alles en nog wat in de buidel tasten... EN je hebt per definitie niet genoeg bij je. Dus je moet ergens geld gaan regelen, .... maar ze hebben geen flappentapper, accepteren geen Syrisch geld en ze moeten al helemaal niets van bankpassen hebben. Dus je moet naar de Duty Free shop om daar een deal te sluiten. Gelukkig kwamen wij een Nederlandse jongen tegen die al anderhalf jaar in Syrië woont. Hij leende ons 50 euro. “EURO’s? Dat moeten we ook niet. Ga maar ruilen voor Syrisch geld, om dat vervolgens weer te wisselen voor dollars, je carnet en verzekering te kopen, en de restanten (in SYRISCHE pecunia) dan aan ons geven.”

Eenmaal binnen zijn de mensen heel erg aardig. Overal zijn er mensen op straat, die een praatje met je willen maken. Zo was er de taxichauffeur in Aleppo. Hij woonde voor een deel van het jaar in Düsseldorf. Hij zag ons staan op straat en sprak ons aan vanuit de auto, terwijl niet alleen zijn klanten achterin, maar ook de auto’s in de overvolle straat achter hem, zaten te wachten. En hij bleef maar doorgaan met vriendelijke vragen stellen..

De grens met Jordanië was ook typerend. Om Syrië uit te komen, was meer moeite dan Jordanië binnen te komen. We zijn gisteren in Amman aangekomen, en een ding is ons duidelijk geworden. VISA is wereldwijd de meest geaccepteerde creditcard. Maar dat wisten we natuurlijk al. Nee, in Jordanië luidt de slogan anders: “VISA is de enige geaccepteerde credit card”. Zo stonden we bij het pompstation vlak na de grensovergang. Tijdens het tanken (alweer 40 liter verder) vroegen we of we met bankpas konden betalen, want we stonden met lege zakken (we moesten per slot van rekening van alles en nog wat afkopen aan de grens). Nee, geen bankpassen. “Oh, STOP, STOP!! We hebben geen cash..” Shit, hoe gaan we dit oplossen? Uiteindelijk is een jochie van het pompstation met ons meegereden naar het volgende station om daar met pas te betalen. Was het maar zo makkelijk. De geldautomaat accepteerde geen van onze passen, terwijl het Maestro en Mastercard logo er groot boven stonden. En betalen bij die pomp bleek alleen mogelijk met................. VISA!! Vervolgens zijn we naar de dichtstbij zijnde plaatselijke bank gereden om daar geld te halen. Alleen daar werkten al onze passen ook al niet. En toen geschiedde het toppunt van weigering van niet-VISA kaarten. Mijn Maestro-pas werd de eerste de beste keer door de geldautomaat ingeslikt!

We zijn nu in Amman (met buikpijn) en gaan straks naar de Dode Zee. Het avontuur gaat verder.....

Marten

1 opmerking:

  1. Als je zo de verhalen leest...dan lijkt het zo of je mee reist!
    Zodra je de Bospurus over bent en in Azië bent, gaat er een wereld voor je open, je komt er niet als toerist maar je bent met een uitdaging bezig...! Dan is het toch iets anders...geen reisagentschap die je kan helpen..maar je moet zelf op onderzoek uit.

    Leuk om zo de berichten te lezen, héél véél succes.

    BeantwoordenVerwijderen